Lessen
Aantal vragen: 20
Goed: 0
Fout: 0

de vitamine :

  • met veel afwisseling, steeds iets anders
  • een stof die in eten zit en die je nodig hebt om gezond te blijven
  • opmaken door het te gebruiken

het verzadigd vet:

  • een soort vet, zoals boter
  • een product dat je kunt eten in plaats van vlees
  • een stof die in eten zit en die je nodig hebt om gezond te blijven

de vleesvervanger:

  • tevreden. Als je goed gegeten hebt, heb je dat gevoel
  • een product dat je kunt eten in plaats van vlees
  • in evenwicht

(vet) opslaan:

  • vet bewaren in je lichaam
  • iemand die geen vlees en vis eet
  • met veel afwisseling, steeds iets anders

de vegetariƫr:

  • melk en alle etenswaren die van melk zijn gemaakt. Bijvoorbeeld yoghurt, kwark en kaas
  • iemand die geen vlees en vis eet
  • vet bewaren in je lichaam

de peulvrucht:

  • tevreden. Als je goed gegeten hebt, heb je dat gevoel
  • een voedingsstof die zorgt voor energie en brandstof voor je lichaam. Het zit veel in bijvoorbeeld brood en pasta
  • lange vrucht met boontjes erin, bijvoorbeeld een boon

de pasta :

  • Italiaans eten van deeg. Bijvoorbeeld macaroni en spaghetti
  • een maat voor de hoeveelheid energie in eten
  • een soort vet, zoals olie

gevarieerd:

  • vet bewaren in je lichaam
  • opmaken door het te gebruiken
  • met veel afwisseling, steeds iets anders

de koolhydraat:

  • wat je elke dag eet en hoe laat
  • een soort vet, zoals boter
  • een voedingsstof die zorgt voor energie en brandstof voor je lichaam. Het zit veel in bijvoorbeeld brood en pasta

verbruiken:

  • een stof die in eten zit en die je nodig hebt om gezond te blijven
  • een soort vet, zoals boter
  • opmaken door het te gebruiken

in balans:

  • wat je elke dag eet en hoe laat
  • in evenwicht
  • een voedingsstof die zorgt voor energie en brandstof voor je lichaam. Het zit veel in bijvoorbeeld brood en pasta

de vezel:

  • een deel van een plant, dat lijkt op een draad
  • opmaken door het te gebruiken
  • Geven, zodat er iets mee gedaan kan worden

leveren:

  • Geven, zodat er iets mee gedaan kan worden
  • lange vrucht met boontjes erin, bijvoorbeeld een boon
  • met veel afwisseling, steeds iets anders

het eetpatroon :

  • een maat voor de hoeveelheid energie in eten
  • voedzaam eten laat het gevoel van honger snel verdwijnen
  • wat je elke dag eet en hoe laat

het onverzadigd vet:

  • een soort vet, zoals olie
  • opmaken door het te gebruiken
  • iemand die geen vlees en vis eet

de zuivel:

  • wat je elke dag eet en hoe laat
  • vet bewaren in je lichaam
  • melk en alle etenswaren die van melk zijn gemaakt. Bijvoorbeeld yoghurt, kwark en kaas

de calorie:

  • melk en alle etenswaren die van melk zijn gemaakt. Bijvoorbeeld yoghurt, kwark en kaas
  • een maat voor de hoeveelheid energie in eten
  • een stof die in eten zit en die je nodig hebt om gezond te blijven

voedzaam:

  • voedzaam eten laat het gevoel van honger snel verdwijnen
  • een voedingsstof die zorgt voor energie en brandstof voor je lichaam. Het zit veel in bijvoorbeeld brood en pasta
  • een soort vet, zoals olie

voldaan :

  • vet bewaren in je lichaam
  • Italiaans eten van deeg. Bijvoorbeeld macaroni en spaghetti
  • tevreden. Als je goed gegeten hebt, heb je dat gevoel

het eiwit:

  • een voedingsstof die zorgt voor energie en brandstof voor je lichaam. Het zit veel in bijvoorbeeld brood en pasta
  • een voedingsstof die nodig is om je lichaam mee op te bouwen
  • lange vrucht met boontjes erin, bijvoorbeeld een boon